De A16 tussen Breda en Rotterdam is één van mijn lievelingswegen. Na zonsondergang is het er nog altijd lekker licht. Pas na de afslag die ik moet nemen om bij het dorp van mijn ouders te komen wordt het donker. Zo donker, dat ik geen hand voor ogen zie. En dat is best lastig tijdens het rijden.

Ik vind autorijden niet echt leuk. Nooit gevonden ook. Dat heeft te maken met de tientallen rijlessen die ik blijkbaar nodig had maar die ik stuk voor stuk vreselijk vond en daardoor vaak halverwege weer afhaakte. Het is dat mijn laatste rijinstructeur een ex-marinier was die mij letterlijk naar het examen toe heeft gebruld anders had ik nu nog steeds een voordeelurenkaart van de NS gehad. Maar die heb ik dus niet meer. Want na bakken geld, frustraties, talloze huilbuien en vier rijexamens later had ik dan eindelijk dat rijbewijs.

En kon ik rijden! Uhuh.

Op een zonnige dag stapte ik voor het eerst alleen in de auto en ging op weg. Mijn ouders wonen op het platteland, in een dorp tussen uitgestrekte polders, waar het lijkt alsof de tijd stil is blijven staan. En waar ze ook vergeten zijn om een paar fatsoenlijke lantaarnpalen langs de route neer te zetten, maar daar kwam ik pas op de terugweg achter. Want waar ik geen rekening mee had gehouden, en wat die marinier me ook nooit had toegeschreeuwd, was dat het nogal uitmaakt op welk moment van een etmaal je achter het stuur zit. Ik kwam die dag achter nog veel meer dingen.

De belangrijkste ontdekking: het bestaan van nachtblindheid. Een term die soms ten onrechte wordt gebruikt, maar die over het algemeen wel de lading dekt.
Nachtblindheid. Blind in de nacht. Klinkt bijna als de titel van een mooi gedicht. Ware het niet dat het wel handig is als je over dit soort essentiële informatie beschikt voordat je ineens een Zwart Gat inrijdt. Geloof me, daar is niets poëtisch aan. Dat is een kwestie van overleven. En ja, daar had ik tot vervelens toe handige tips voor gekregen in de leswagen maar daar had ik verder niets aan op die provinciale weg ergens in West-Brabant.

Ik zag laatst een item voorbij komen op tv waarin een heel slim iemand zich afvroeg waarom er geen rijlessen in het donker worden gehouden. Nou, inderdaad. Dat zou een hoop ellende schelen. Want het blijkt dat ik niet de enige ben die moeite heeft om in het donker te rijden. Ongeveer 1 op de 3000 mensen heeft hetzelfde probleem en dat zijn omgerekend zo’n 1,4 mensen uit het dorp van ons pa en ma waar ik nooit meer een diner had genuttigd omdat ik tegen die tijd allang vertrokken was.

Na wat te hebben rondgestruind op internet kwam ik de voor mij perfecte oplossing tegen: een nachtbril. Een bril met gele glazen. Je zou ook een skibril op kunnen zetten, maar dat gaat mij persoonlijk wat te ver. Die gele glazen zorgen ervoor dat je daadwerkelijk een weg ziet liggen (handig!) en de tegenliggers hebben geen lichtgevende kruizen meer die tegen je voorruit stukslaan. Super fijn!

Dat ik liever op de passagiersstoel zit dan in die stoel ernaast, blijft een feit. Maar met mijn nachtbril in het dashboardkastje voel ik me in ieder geval een stuk veiliger en daar is ook wat voor te zeggen. En ach, dat het geen hip ding is, lekker belangrijk.
Dat is dan weer een voordeel als het donker is. Niemand die je ziet.

Bron: Nachtbril ervaringen http://www.aas-schadeherstel.nl/blog/zwart-gat/